Disruptief burgerschapPublicaties

De waarde(n) van maatschappelijk leiders in 10 punten

Uit proefschrift - 'The Value(s) of Civil Leaders'

De promotie is achter de rug. De receptie, het besloten diner en het feest ook. Niet iedereen leest de hele dissertatie of zelfs de officiële samenvatting. Daarom hier de moderne samenvatting in 10 punten: Waar ging het over? Wat kwam er uit?

Dertig cases maatschappelijk leiderschap

Ik onderzocht 30 cases. Private personen die een bijzondere bijdrage leveren aan de publieke zaak. Van Dominee Visser (opvang drugsverslaafden in de Pauluskerk)) tot Zuster Witlox in Amsterdam (straatadvertenties door en voor daklozen in Amsterdam). Van een moderne ondernemende filantroop, Paul Baan, tot een innoverende directeur van een groep verzorgingshuizen, Hans Becker of de pionier van nieuw basisonderwijs vanuit een bijzondere educatieve filosofie, Yolanda Eijgenstein. Van de oprichters van de Voedselbanken, het echtpaar Sies, tot iemand die publiekelijk verantwoording aflegde voor een hele bouwsector, Herman Hazewinkel. Tens ging het om de combinatie van publieke toegevoegde waarde en resultaat (public value) en leiderschap (persoonlijk gedreven, risicovol, weerstand oproepend).

De wetenschap is vooral geinteresseerd in de eindresultaten en gecumuleerde inzichten hieruit, voor maatschappelijk leiders en publiek zijn de Bijlagen bij het proefschrift inspirerender en inzichtelijker, die staan nu ook op deze site.

Het onderzoek richtte zich met name op hun waarden vanwaaruit ze dit bijzondere werk doen en de invloed die verschillende besturingsomgevingen daarop kunnen uitoefenen, m.a.w. maakt het wat uit of ze dit vanuit een for-profit, een not-for-profit of een informele actieve burger rol doen?

Uitkomsten promotieonderzoek in 10 punten

1. Habitat: De maatschappelijk leiders opereren buiten de overheid, in de private, maatschappelijke wereld, maar zijn verder overal aan te treffen en niet beperkt tot de (informele) civil society. Dat komt omdat ze vooral nodig zijn en opduiken bij processen waarbij instituten fundamenteel ter discussie staan. Institutionalisering betekent het vastleggen van waarden in organisaties/routines/wetten/gewoonten. Daarom zijn ook de waarden van maatschappelijk leiders cruciaal voor hun optreden en succes.

2. Maatschappelijk leiders zijn prominente burgers die zich openlijk en indringend met de publieke zaak bemoeien. Ze zijn ten dele daarmee de concurrent van politieke leiders in de publieke ruimte. Deze definitie staat haaks op de politieke retoriek van ‘gewone burger’, ‘zelfredzame burger’ of ‘de man in de straat of wijk’. Ze doen dit op vrijwillige, min of meer altruïstische basis, maar ze zijn geen ‘vrijwilliger’ in klassieke zin. Maatschappelijk leiders kunnen dus ook heel goed worden aangetroffen in board rooms, profit en non-profit, opererend vanuit goed burgerschap.

3. Het gaat om leiderschap, omdat het persoonlijke proactieve acties zijn, beyond the call of duty, omdat er vaak weerstand moet worden overwonnen en omdat er sprake is van vrijwillig volgerschap. In dat laatste is het wel bijzonder leiderschap: hun aantrekkingskracht op volgers is indirect en komt voort uit hun wens bij te dragen aan maatschappij en public value.

4. Public Value kan het best gedefinieerd worden op drie niveaus: output (resultaat, zichtbare services), outcome (maatschappelijk effect) en institutioneel niveau (vertrouwen en legitimering). De belangrijkste fout bij sturing op basis van New Public Management is dat alleen het eerste niveau wordt genomen. Dat is weliswaar het niveau waarop publieke en marktdiensten vergelijkbaar zijn en het meest van elkaar kunnen leren, maar is voor maatschappelijke vraagstukken en publieke diensten niet voldoende. Marktpartijen die institutioneel ter discussie komen te staan (zoals banken en woningcorporaties) ontdekken toenemend dat presteren op het eerste niveau onvoldoende is. Public Value blijkt daarmee een goed bestuursconcept voor zowel publieke als marktpartijen.

5. De drie onderscheiden besturingsomgevingen, for-profit, non-profit en actief burger, beïnvloeden waarden patronen ieder op een bijzondere, afwijkende wijze. Bijvoorbeeld in for-profit scoren ‘prestatiegericht’ en ‘ondernemingsgeest’ en bij actief burger is het ‘solidariteit’, burgerschap’en ‘de publieke zaak dienen’.Het klopt dus dat besturingscontext in algemene zin wat uitmaakt voor het waarden patroon waarin gewerkt moet worden.

6. Telkens is het minst onderscheidende, meest ‘vlakke’ patroon qua waarden te vinden in de non-profitcontext. Het lijkt een soort ‘anything goes’: waarden uit de domeinen van markt, staat en civil society komen gelijkelijk en willekeurig achter elkaar voor. Dit kan duiden op een typisch Nederlandse bias in het onderzoek: non-profitorganisaties staan hier te lande al zo’n 3 decennia onder invloed van allerlei incentives en beleidsprikkels vanuit alledrie de domeinen.

7. Er zijn verschillende typen maatschappelijk leiders afgezet op de dimensies van innerlijke motivatie en overtuiging en hun uiting daarvan (expressie). Er is het waarden gedreven type, het instrumentele type (volgen waarden van anderen, hetzij opdrachtgevers, hetzij eindgebruikers) en het neutrale waarden type (soms wel een eigen interne overtuiging, maar niet geuit (decoupled in het Engels), soms zelfs dat niet).

8. Ik onderscheid vier sleuteldimensies van leiderschapsstijlen. Naast de typologie onder 6, zijn ook belangrijk: ondersteunend op de achtergrond versus optreden op de voorgrond, verbonden aan elite versus betrokken op de werkvloer/gewone man en legitimatie versus innovatie.

9. Maatschappelijk leiders spelen verschillende institutionele rollen: bestuurders (op zoek naar reinstitutionalisering of fundamentele turn around), pioniers en institutionele uitdagers.

10. De belangrijkste uitkomst van het onderzoek: maatschappelijk leiders wijken gezamenlijk en als groep af van de te verwachten waarden patronen uit de drie besturingsomgevingen. Ze zijn een soort in zichzelf. Hun waarden patroon bevat telkens gelijkelijk elementen uit marktomgeving (‘keuzevrijheid’, ‘ondernemingsgeest’, ‘zelfontplooiing’, ‘onafhankelijkheid’) en uit de civil society (‘duurzaamheid’, ‘respect’, rechtvaardigheid’, ‘verbondenheid’).

 

Tags

Related Articles

Close
Close